Copy

 
Nieuwsbrief EcoQuaestor, de aanpak van Bouwprojecteconomie
November 2015
In deze nieuwsbrief:
  • Vele wegen leiden van Kyoto naar Parijs
  • "We moeten behoedzaam met onze aardkloot omgaan"
  • Vergelijking transformatie of vervangende nieuwbouw met EcoQuaestor

Vele wegen leiden van Kyoto naar Parijs

Eind november vindt in Parijs de klimaattop COP21 van de Verenigde Naties plaats.Hier zal naar alle waarschijnlijkheid het nieuwe klimaatverdrag worden getekend dat in 2020 ingaat en de opvolger is van het Kyoto-protocol. Doel is om maatregelen te nemen om de opwarming van de aarde met minder dan 2°C te laten toenemen. Om de opwarming van de aarde te beperken moeten we maatregelen nemen, ook in de bouw,maar welke? Lees hier de blog van Menno Hartsema van BOUWscoop, lid van Bouwprojecteconomie, over de route die ons kan leiden naar vermindering van CO2-uitstoot.
 


"We moeten behoedzaam met onze aardkloot omgaan"

“Ik heb altijd al belangstelling gehad voor biologische en duurzame aspecten van het bouwen.” Aan het woord is Frans Frederiks, lid van Bouwprojecteconomie en werkzaam als bouweconoom bij Wiegerinck Architecten, één van de grotere architectenbureaus in Nederland, met een orderportefeuille grotendeels in de gezondheidszorg en gezondheidszorggerelateerde projecten. “Ik ben eigenlijk een beetje een vreemde eend in de bijt binnen Bouwprojecteconomie. De meeste van mijn collega’s van de coöperatie zijn zelfstandige bouwkostenadviesbureaus, terwijl ik ‘slechts’ een personeelslid van een architectenbureau ben waardoor ik me minder makkelijk extern kan profileren.”

“Vaak heb ik aan personen die het daar over hadden, gevraagd om eens duidelijk te formuleren wat zij onder duurzaamheid verstonden. Eigenlijk heb ik nooit een echt goed antwoord gekregen. Via de coöperatie Bouwprojecteconomie heb ik  inmiddels meer kennis kunnen vergaren over wat er in Nederland en daarbuiten speelt rond duurzaamheid. En inmiddels weet ik, dat er nog veel kaf is tussen het koren.” Zo blijft volgens Frederiks de vraag open wie uiteindelijk wat moet betalen voor de schadelijke effecten van bouwprojecten op de aarde. Frederiks: “De meest voor de handliggende en goedkoopste oplossingen zijn inmiddels al gemeengoed geworden: recyclen, hemelwateropvang, verven op waterbasis. Maar hoe geven we nu de C-tjes en O-tjes die we nodig hebben gehad om stenen te bakken echt terug aan moeder aarde? Wat doen we voor de € 21,--/m2 ecokosten ? Als we dat niet duidelijk kunnen maken, niet tastbaar en/of praktisch kunnen etaleren, dan is de weg naar duurzaam bouwen nog erg lang, vrees ik. Want anders is het heffen van de 'ecotax' niet veel meer dan het betalen van een afkoopsom. Zoals het duurder worden van de vliegtickets om meer bos aan te kunnen planten! Waar staan al die bossen toch? En hoe kun je 'natuur compenseren' als er hectaren snelweg zijn aangelegd?”

Ook Frederiks heeft geen direct antwoord en verwacht dit ook niet te krijgen. Maar wat wel heel duidelijk voor hem is, is dat we behoedzaam met onze aarde om moeten gaan. “En middels mijn deelname aan de coöperatie Bouwprojecteconomie hoop ik in ieder geval een (bak)steentje te kunnen bijdragen aan een duurzamere wereld. What ever that may be...”

 


Vergelijking transformatie of vervangende nieuwbouw met EcoQuaestor

In Zwolle staat, net als op vele plaatsen in Nederland, een voormalig bejaardentehuis te wachten op een nieuwe bestemming. Voor 'De Nieuwe Haven' werd het idee opgevat het gebouw te transformeren naar een appartementencomplex. Huls Bouwkostenmanagement, lid van de coöperatie Bouwprojecteconomie, maakte met EcoQuaestor een raming van de (ver)bouwkosten en de ecokosten van het transformatieplan. Vervolgens is van hetzelfde plan een raming gemaakt, eveneens met EcoQuaestor, alsof het volledige nieuwbouw betrof.

Met een relatief klein verschil valt de vergelijking van de twee ramingen in het voordeel van het transformatieplan uit: € 8,5 miljoen versus € 8,2 miljoen incl. bijkomende kosten en btw. Kijkt men echter naar de ecokosten, dan blijkt er (in verhouding) een belangrijk verschil. Bij vervangende nieuwbouw bedragen de ecokosten 19% van de bouwkosten, terwijl dit percentage in het transformatieplan uitkomt op 15%. Oftewel, de ecokosten voor het transformatieplan liggen € 250.000,- lager dan voor vergelijkbare nieuwbouw (€ 1,15 miljoen i.p.v. € 1,4 miljoen).
 
Vanuit de milieulasten bekeken, verdient het transformatieplan dus de voorkeur, waarbij moet worden aangetekend dat er bij dit plan, behalve het tot op het skelet slopen, ook nog forse ingrepen in het casco worden gedaan. Zo worden er naast de glazenwasbalkons, ook delen van vloeren en wanden weggezaagd. Zowel wat betreft de bouwkosten als de ecokosten slaat de balans bij minder forse ingrepen verder in het voordeel door van het transformatieplan. Ook door milieuvriendelijke materialen te kiezen bij het ontwerpen, kan de milieulast vaak zonder extra kosten nog flink omlaag. De EcoQuaestor-database bevat daarvoor relevante data.

Uit doorrekening van de exploitatielasten en de huisvestingslasten blijkt dat de woonlasten van het transformatieplan 1,2% lager uitvallen dan nieuwbouw. Dit levert een voordeel op van € 10,- per maand per appartement. Bij de ecokosten is het voordeel in verhouding veel groter: 3,4%.

 


Website
Email
Twitter
LinkedIn
Copyright © 2015 Bouwprojecteconomie, All rights reserved.


Meld u hier aan voor deze nieuwsbrief.
 
unsubscribe from this list    update subscription preferences 

Email Marketing Powered by Mailchimp